Theosofie - Noordwest

 

Theosofie, de oude wijsheid-religie

                                                                                                                  

Mededogen is geen eigenschap, Het is de WET der WETTEN, eeuwige harmonie, ālaya’s ZELF,

 een oeverloze universele essentie. H.P.Blavatsky in Stem van de Stilte blz. 67

 

 

De zeven juwelen van esoterische wijsheid

 

Gottfried de Purucker.

Nog een paar woorden over een belangrijk onderwerp. De oude wijsheid zegt ons dat er zeven leringen bestaan die de sleutel zijn tot wijsheid en toekomstige inwijdingen. In onze studie van die zeven sleutels hebben we er vijf in het kort genoemd. Wat zijn deze sleutels? We kunnen ze de

saptaratnĺni noemen, de ‘zeven juwelen, edelstenen of schatten’.

 

Het zijn de volgende. Ten eerste, die werking van de natuur – natuur in de betekenis

van het volstrekte geheel van al wat is, innerlijk en uiterlijk, achter en voor, boven en beneden, rechts en links, alles, overal – die zich in de mens manifesteert als wederbelichaming of reďncarnatie, kan in het kort worden omschreven als de verandering van zijn voertuig of lichaam wanneer zijn innerlijke toestand zich wijzigt; want door de werking van de natuur wordt hij er tenslotte toe gebracht of voelt hij de noodzaak naar een andere toestand of een andere plaats te gaan. Dit wordt dood genoemd, maar het is een andere vorm van leven. Dat is de eerste sleutel. Pas hem toe op onze leringen in zijn vele en verschillende mogelijkheden.

 

De tweede sleutel is de leer van actie en reactie, karma. Deze eerste twee sleutels hebben we op deze voorbereidende bijeenkomsten slechts terloops aangeroerd. Later zal het nodig zijn daarop meer in bijzonderheden in te gaan.

 

De derde sleutel is de leer van de elkaar doordringende wezens of levens, ook de leer van de hiërarchieën genoemd, die tevens onscheidbare en elkaar overal doordringende gebieden of sferen zijn. Alles bestaat in al het andere. Er zijn in feite nergens absolute scheidslijnen, hoog noch laag, innerlijk noch uiterlijk, goed noch verkeerd, boven noch beneden.

Er is in wezen niets dan een eeuwig ZIJN en een eeuwig NU. Zoals de oude stoďcijnen het zo prachtig hebben gezegd: ‘Alles doordringt al het andere.’ Zelfs de lucht bijvoorbeeld die we inademen, trilt van de ontelbare levens; de monadische essenties of levens zijn in de lucht die we inademen, in onze beenderen, in ons bloed, in ons vlees, in alles. Denk erover na; laat uw gedachten de vrije loop, maak u innerlijk vrij. Laat uw verbeelding u meevoeren naar de wonderen die deze sleutels voor ons

toegankelijk maken. Een nauwgezette studie van de oude wijsheid en een zuiver en onzelfzuchtig leven zullen uw onfeilbare gids zijn.

 

De vierde sleutel is de leer van svabhāva, de leer van de essentiële karakteristiek van een entiteit, van een geestelijke radicaal; ook de leer van zelfvoortbrenging of zelfwording in het gemanifesteerde bestaan, die een bevestiging is van onze eigen verantwoordelijkheid. Dit is de meest diepzinnige, de meest mystieke van de vier sleutels die we tot dusver hebben genoemd, want dit is in feite de sleutel tot de andere drie.

 

De vijfde is de sleutel tot zelfbewust leven en bestaan, een onderwerp waarop we vanavond en ook op de vorige bijeenkomst hebben gezinspeeld; want het doel, de methode en de werking van het universele bestaan is geheel gericht op de verheffing van het lagere tot het hogere. Dit grootse werk kan nooit worden volbracht door het ‘pad voor zichzelf’, het Pratyekayāna te gaan, maar door het Amritayana, het ‘onsterfelijke voertuig’ of het pad van zelfbewustzijn in onsterfelijkheid te volgen.

Nogmaals, laat uw gedachten de vrije loop; geef ze de vrijheid!

 

Wat de twee andere sleutels betreft, moet ik misschien zeggen dat ze betrekking hebben op hoge graden van inwijding. Ik weet maar weinig van de zevende; mijn studies hebben mij er heel weinig over geleerd, zo goed is hij verborgen. Ik weet echter dat maar heel weinig mensen op deze aarde deze zevende sleutel kunnen begrijpen en gebruiken. Over de zesde sleutel wordt ons geleerd dat deze door grote inspanning kan worden verkregen in de hogere graden van inwijding.

      

Beginselen van de esoterische filosofie, blz. 186 © 1998  Theosophical University Press Agency. Den Haag

 

                                                       * * * * * * *

Links met de Occulte woordentolk van de Theosophical University Press Agency. Den Haag .

 

Reďncarnatie. * * *  Karma * * *   De leer van de Hiërarchieën * * * 

De leer van svabhāva * * *  De Leer van de twee paden , Pratyekayāna en Amritayana,

 

Hoewel het Amritayana, ‘onsterfelijke pad’, langzamer en moeilijker is, is het oneindig veel wonderbaarlijker, want het wordt gekenmerkt door het edele ideaal van de Tathāgata’s, de reeks van meedogende, die ‘aldus gegaan en aldus gekomen zijn’. Zo iemand was Bodhisattva Gautama, die het nirvāna van totale en volmaakte wijsheid opgaf om onder de mensen te leven en te werken en op die manier nogmaals een draai te geven aan het Wiel van de Wet (dharma). ‘Welke reden zou ik hebben om mijzelf voortdurend te manifesteren?’ – tenzij ik de bedoeling had om ontvankelijke zielen te wekken tot actieve deelname aan de eeuwenoude zoektocht.

 

Grace F.Knoche. Duizend lichten aansteken. Blz 148. © 2002  Theosophical University Press Agency. Den Haag

 

 

Terug menu.   Terug sectiebegin.

 

* * * * * * *

Universele broederschap is de kern van de Theosofische lering.  I  Dhanus 4243